img

DeltaLimburg.nl

Hèt informatieve (nieuws)platform voor Midden-Limburg.

4-4-2021 10:16

Ron - De Sterlocaties van Het Leudal - #5 de Bedelaar

Roggel - 4 april 2021 - We wandelen vanaf de vierde Sterlocatie verder naar de vijfde Sterlocatie, waar ik jullie weer mee terugneem in de tijd. Maar eerst gaan we wandelen. Wanneer je met de rug naar het terras staat, loopt er een breed pad in zuid-oostelijke richting. Hier nemen we het eerste bospad rechts in zuidelijke richting. Aan de linkerzijde hebben we nog een aantal grafheuvels liggen en al gaande lopen we weer door het bos. We volgen de www-route en komen even later op een T-splitsing. 

Vóórdat we hier links via de verharde weg verder gaan, komen we de restanten tegen van een ruïne van een watermolen. Na wat doorstappen komen we langs het Speckerven (ligt aan de rechterhand). Over dit stuk doen we ongeveer een halfuurtje. Uiteindelijk komen we aan bij Landgoed de Bedelaar. Deze naam is onomstotelijk gekoppeld aan een van de meest, zelfs wereldwijd bekende, inwoner van het leudal, onze enige echte prof. Dr. Eugène Dubois (1858-1940). Het Landgoed is privé bezit. We respecteren het domein en betreden het dan ook niet!

'Volgens vertellen', heeft hier ooit een kasteel gestaan. In die tijd was het niet ongewoon dat er aan de deur geklopt werd door minder bedeelde of hulpzoekende sloebers die geen nagel hadden om aan hun spreekwoordelijk achterste te krabben. Zo gebeurde het dat, op een avond met een heus noodweer, een bedelaar op de deur klopte. De baas des huizes was het ‘s avonds kloppen en het rammelen aan de deur wel erg beu en begon de bedelaar eens flink de waarheid te vertellen. Met harde hand werd hij van het landgoed ‘geknikkerd’. Daarop vervloekte de bedelaar het kasteel en haar bewoners. Toen de klok 12-uur ’s nachts sloeg, verzonk het kasteel met haar bewoners in het moeras. Hier ligt nu het ven “Groote Bedelaer”. Het zou je maar gebeuren, toch? Onze Eugène heeft hier later het schitterende pand laten bouwen. Maar wie was hij eigenlijk?

Eugène was arts, antropoloog, anatoom, paleantoloog en ecoloog. Daarnaast was hij een uiterst gedreven pioniertje. Eugène werd geïnfecteerd door het Darwin virus. Niet te verwisselen met het nu heersende COVID-19 virus; nee, hij wilde zich verdiepen in de evolutietheorie van Charles. Toen Eugène 27 jaar was, hield hij zich bezig met het onderzoek naar de evolutie van het strottenhoofd bij gewervelde dieren, waarbij hij een baanbrekende hypothese opstelde over de evolutie van dit orgaan. Eugène studeerde hiermee af als arts. Dit kwam hem later goed van pas.

Door de bioloog (Haeckel) werd Eugène geprikkeld. De bioloog stelde; “Wanneer de mens uit een aapachtige voorouder was geëvolueerd, dan zou er ook volgens hem een tussenvorm hebben bestaan”. Zeg maar gemakshalve een 'aapachtig' mens.Daarnaast werd Eugène door de vondsten van fossielen van Neaderthalers bij hem in de buurt (rond Eijsden) enorm geïnspireerd. Het bloed begon te kruipen bij Eugène.

Op negenentwintig jarige leeftijd trouwde Eugène met zijn grote liefde Anna Lojenga, waarmee hij samen drie kinderen kreeg. Het jonge gezin werd, zeg maar rond zijn 31ste, jaar, door Eugène ’s pioniersinstinct ertoe aangezet naar Nederlands-Indië af te reizen. (Toentertijd was reizen, net als nu, duur. Onze Eugène was niet voor een gat te vangen en bedacht een geweldig plan. Hij tradt in dienst bij het Koninklijk Nederlands-Indisch leger en zo kon hij gratis mee naar de westkust van Sumatra). Dit was voor hem een logische plek om de eerste afstammelingen van de aapachtige aan te treffen. Maar bij zoektochten op Sumatra en Java kwam Eugène er al snel achter dat dit niet de boogde plek was. Hij vroeg daarom overplaatsing aan naar het binnenland van Sumatra, wederom een loze uithoek. Ook de lokale bevolking op Java zelf werkte niet mee. Zij groeven fossiele beenderen op om als 'drakenbotten' aan hebberige Chinese handelaren te verkopen. Chinezen vermaalden deze dan weer en schreven er zelf een geneeskrachtige werking aan toe (deze kwakzalverij gebeurt nu trouwens nog).

Na drie jaar onder erbarmelijke en gevaarlijke omstandigheden dag in dag uit in grotten, in beken en rivieren gegraven te hebben, werd één fossiel schedeldakje (zie foto) gevonden.

Eugène was ervan overtuigd dat dit van een chimpansee afkomstig was. Toen een jaar later een scheenbeen gevonden werd en dit ook nog eens toebehoorde aan iets wat rechtop gelopen had, heeft hij zijn schedeldakje nog eens zorgvuldig tegen het licht gehouden. Wanneer Eugène in die tijd geen ‘helpen’ (red. bretels) zou hebben gedragen, dan was zijn broek tot op de knieën afgezakt van verbazing! Hij had 'het' gevonden, de ontbrekende evolutionaire schakel! Later (heden) blijkt dat het schedeldakje is gekwalificeerd als een Indonesische variant van de Homo erectus.

Onze Eugène had nog meer, zoals gezegd, hij was een gedreven mens. Zo experimenteerde hij er thuis (Landgoed De Bedelaer) heerlijk op los. De Groote Bedelaar (het ven) werd door hem behoorlijk onder handen genomen. Zo beïnvloedde hij het waterpeil en de minerale huishouding. Hij had van verschillende collega’s tropische zaden toegestuurd gekregen, die hij plantte. Eugène hield precies de invloed bij van al zijn ingrepen. Terwijl hij bezig was met zijn experimenten, kwam hij erachter dat er veel muggen rond zijn onderzoeksgebied vlogen. Dit dreef hem tot wanhoop, maar daar had hij al snel een passende oplossing voor gevonden: een vleermuizentoren. Hij dacht: ze kosten niets, vreten veel en doen hun werk in de nacht en dan heb ik er geen last van. Later bouwde Eugène een Uilentoren. Compleet met verwarmd stookkanaal, dit om de aanwezige vleermuizen en uilen een luxe onderkomen te verschaffen in de winter. Onze Eugène was van vele markten thuis. Een markant persoon in ons hedendaagse mooie Leudal.

Over het betreffende schedeldakje

Schedeldakje Dubois, homo erectus is te zien in Naturalis te Leiden. 

Dubois heeft de eerste fossielen gevonden van een Homo erectus, de directe voorloper van de moderne mens. Dat deze van een overgangsvorm tussen aap en mens zijn gelooft tegenwoordig niemand meer. Volgens moderne wetenschappelijke inzichten stamt de mens niet van de apen af, maar delen mens en aap een gemeenschappelijke voorouder die zo'n tien miljoen jaar geleden in Afrika heeft geleefd. Een lijn ontwikkelde zich tot de huidige mensapen, terwijl een andere lijn zich via een groot aantal tussensoorten ontwikkelde tot de Homo erectus en uiteindelijk tot de moderne mens Homo sapiens. (bron Informatiespecialist Natuur Informatie Centrum)

Afbeelding Naturalis 

Tags
Wellicht interessant